James Bond Nederland
Home » Nieuws » Column: A long time ago, in a galaxy far, far away….

Column: A long time ago, in a galaxy far, far away….

Ineens had ik heel veel zin om Star Wars weer eens te kijken. De dvd’s die ik van de originele trilogie heb, voldoen niet meer aan mijn zicht, dus zocht ik naar een 4K-versie. Aangezien ik die prijs nogal overdreven vond – zo’n fan ben ik toch ook niet? – werd het een mooie blu-raybox. Ik heb een week gedaan over Episode II. Wat een verschrikking…

Star Wars zag ik eerder dan James Bond. Een klasgenoot van de lagere school had van die poppetjes; die vond ik fantastisch. Hij had ze in een speciaal ontworpen kast staan, met voor ieder figuurtje een apart vakje. De grotere sets, zoals die van Jabba de Hutt op een platform met valluik, stonden daar weer bovenop. Het was beter dan een speelgoedwinkel. Hier mocht ik gewoon mee spelen…

Daarna volgden de films, die ik steevast door elkaar haalde. Voor mij is het toch vooral één vermakelijk ruimte-epos met een kop en een staart. Dat dit nog maar het midden van de filmserie was, daar hield ik mij niet mee bezig. Het waren de sfeer, de muziek en de immense ruimteschepen waar ik mij aan vergaapte.

Bij ieder weerzien, later dus op dvd, werd ik toch weer even die basisschoolleerling en dacht ik terug aan die poppetjes. Met de originele trilogie voel ik dan ook zeker een nostalgische band. De latere films vanaf de jaren 90, daarvan zag ik een enkeling in de bioscoop, pas helemaal aan het einde van de rit in een nagenoeg lege zaal — het moet toen zijn begonnen, dat ik nogal makkelijk in slaap val als de zaallichten eenmaal doven…

Voor de laatste drie ging ik al niet meer naar de bios. Ergens, tijdens drie maanden gratis Disney+, heb ik nog eens een nieuwe Star Wars aangeklikt. Al snel vroeg ik mij af: waar zit ik in godsnaam naar te kijken?

Taaie Attack of the Clones

En toen dus recentelijk de fraaie blu-raybox met alle negen delen. Een bestelling die ik overigens op een vrijdagavond online had geplaatst met een leveringsbelofte van de volgende dag… Eenmaal raden… Inderdaad, ik kon de eerste film pas halverwege de volgende week in de speler steken. ‘U was niet thuis.’ Ammehoela! Ik zat ín de brievenbus! PostNL heeft gelijk een miljoenenclaim aan de broek gekregen. Zal ze leren. Ook ik heb mijn grenzen.

De originele trilogie ging erin als koek. Net als bij James Bond uit de jaren 70 en 80 zie je waar de visuele effecten het moeilijk hebben. Je ziet ook wat er naderhand nog is ingeknutseld door George Lucas. Dat had in veel gevallen allemaal niet gehoeven.

Dan Episode I, The Phantom Menace (1999), die ik dus ooit in een lege bioscoop zag. Deze film was verre van goed, maar best te pruimen. Het begon pas echt taai te worden bij Attack of the Clones (2002). Ik had hier het gevoel dat ik naar een voorloper van de computeranimatie zat te kijken. Een videogame waar je zo gauw mogelijk door je levens hoopt te zijn. Een brei aan peperdure effecten gepresenteerd door Wibra. Het deed letterlijk pijn aan mijn ogen.

Ik had zo’n zin om Christopher Lee te zien, en het duurde en duurde maar. Ik heb de film zo vaak afgezet – om de volgende dag toch weer een poging te wagen – dat het leek alsof de acteur zichzelf met terugwerkende kracht uit de film had teruggetrokken. Uit schaamte. Tot hij op dag vijf toch in beeld verscheen. Eindelijk iemand die al die onzin een beetje kon relativeren. Als er iemand in staat was te schitteren tussen een berg rommel, was het Dracula wel. En dan die uitgestreken kop en niet te vergeten: die stem…

Maar als de man met het gouden pistool het enige lichtpuntje van een twee uur durende marteling is… Dat volwassen mensen zoiets kunnen bedenken en willen uitvoeren. Ik kan er met mijn hoofd niet bij.

Stroperige liefde

Zullen Star Wars-fans zo ook naar James Bond kijken, vroeg ik mij af. De nostalgie waar ik zo aan hang, waar de Star Wars-clan op neerkijkt? Of dat zij vinden, net als ik bij het sterrenepos, dat het na drie prima basisfilms na Goldfinger (1964) wel genoeg was met James Bond? Maar ze kunnen You Only Live Twice (1967) toch moeilijk net zo belabberd vinden als Attack of the Clones? En alles wat daarna kwam, van On Her Majesty’s Secret Service (1969) en The Spy Who Loved Me (1977) tot GoldenEye (1995) en Skyfall (2012), ieder zijn smaak natuurlijk, maar die films trekken de gemiddelde kwaliteit van de Bond-serie toch duidelijk omhoog?

Nou zijn de kritieken over deze vijfde Star Wars-film niet van de lucht; de hausse aan tegenvallende reacties die ik online raadpleegde, bevestigde mijn gevoel. Ik moest mijn hart zelfs even luchten bij Gemini, dat vertelde dat vooral de liefdesrelatie tussen Anakin en Padmé als bijzonder stroperig wordt ervaren. Daaraan toevoegend dat ook deze film zijn fans heeft — áls dit de eerste Star Wars was die zij zagen. Net zoals Die Another Day (2002) ook fans van James Bond heeft voortgebracht.

Lord of the Rings door andere ogen

Episode III laat ik voorlopig nog even in de box zitten, die zit daar prima. Ondertussen bekeek ik een jongere klassieker: de eerste The Lord of the Rings (2001). Inmiddels ook 25 jaar oud. Ik had deze tijdens de kerstdagen al eens voorgesteld aan de dochters, maar geen haar op hun hoofden dat ze naar dwergen, elfen en orcs gingen kijken. Tot ik de oudste onlangs influisterde dat het eigenlijk een soort Harry Potter is, maar dan voor volwassenen. Ineens had zij hier wel puntoren naar.

Het was prachtig om deze film door andere ogen te bekijken. Ook The Fellowship had ik in geen jaren gezien, maar het beviel mij gelijk meer dan welke Star Wars ook. De trilogie van Peter Jackson vond ik bij hun releases al fantastisch en ook dat is daarna met The Hobbit (2012-2014) allemaal overdadig geworden. Lichtpunt blijkt ook hier weer: Christopher Lee.

Indy als toetje

Om de grote filmfranchisemarathon af sluiten, nam ik als toetje nog de derde Indiana Jones. Dit keer zonder Christopher Lee, maar met Sean Connery, Alison Doody, Julian Glover, John-Rhys Davies, de vorige week overleden Michael Byrne en Vernon Dobtcheff uit de Bond-films. En zelfs bijna-Bond Hans de Vries heeft hier als Luke Hanson op de aftiteling nog een kleine rol.

Ook voor Indiana Jones geldt: de twee films die daarna kwamen, steken in schril contrast af tegen de originele trilogie. Wat dat betreft heeft James Bond zich niet ondanks, maar dankzij een ijzersterk begintrio als stevig fundament, steeds weten te vernieuwen. Er is niemand die zal zeggen dat Attack of the Clones de beste Star Wars is, niemand die een Hobbit-film beter vindt dan een Lord of the Rings en niemand die Kingdom of the Crystal Skull (2008) verkiest boven een van de eerdere Indiana Joneses.

Harrison Ford en Sean Connery in The Last Crusade © 1984 Paramount Pictures

Maar als het om Bond gaat, dan zijn er steevast fans te vinden die Thunderball (1965) boven de eerste drie plaatsen. Of Moonraker (1979), Octopussy (1981) of A View to a Kill (1985) op één zetten. Terwijl weer een ander zweert bij Licence to Kill (1989) of Casino Royale (2006).

Toen ik in de nacht van maandag 29 op dinsdag 30 juni een voetbalveldslag aanschouwde, vond ik het in de verlenging welletjes. Ik had het licht nog niet uitgedraaid of ik zakte – net als bij Star Wars in de bioscoop – in een korte maar diepe slaap. Nooit eerder was een penaltyreeks zo rustgevend…

Jasper Hartog

Columnist Jasper Hartog (1978) dacht altijd dat hij midden jaren 80 werd gegrepen door het Bond-virus. Later kwam hij erachter dat de eerste Bond-films pas vanaf begin jaren 90 op de Nederlandse tv werden uitgezonden – zijn eerste kennismaking met het fenomeen James Bond. Hoe dan ook, hij werd gegrepen door 007 en het onderwerp heeft hem nooit meer losgelaten. Hij is regelmatig te horen op radio en tv als het om James Bond gaat. Om zijn Bond-ei kwijt te kunnen en zijn kennis met een groter publiek te delen, begon hij in 2009 met Bond Blog. Sinds 2019 schrijft Jasper columns voor James Bond Nederland.

Reageren

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.